Wij informeren u over de vakantieperiodes van onze huisartsen in de zomer van 2026. Bekijk de vakantieplanning

Omgaan met warm weer

De zomer staat voor de deur en de temperaturen stijgen. Tijd om te genieten van de zomer in eigen land. Maar, hoe kun je dit het beste doen zonder dat je klachten krijgt? Je lichaam kan namelijk te warm worden of zelfs uitdrogen als je je niet aanpast aan warme temperaturen.

Dit kun jij doen als het heet wordt

1.

Ga langs of bel

Bel of ga langs bij kwetsbare mensen, zoals ouderen, mensen met een chronische ziekte en jonge kinderen, en vraag hoe het gaat.
2.

Drink voldoende

Drink 2 liter water of meer per dag. Moedig anderen aan om regelmatig water, thee of andere dranken te nemen, ook als er geen dorst is.
3.

Houd de woning koel

Gebruik zonwering, houd ramen gesloten te tijdens de warmte en ventileer als het afkoelt.
4.

Houd het lichaam koel

Zoek de schaduw op, draag luchtige kleding en plan activiteiten zoveel mogelijk in de ochtend of avond. Neem een koel voetenbad of leg een natte handdoek in je nek.
5.

Wees alert op oververhitting

Let op signalen zoals hoofdpijn, duizeligheid, vermoeidheid of extreme dorst. Neem klachten serieus.
6.

Let op bij medicijngebruik

Sommige medicijnen kunnen anders werken bij warm weer. Vraag zo nodig advies aan de apotheek.

Klachten door de hitte

Als het erg warm is, kan je lichaam moeite hebben om voldoende af te koelen. Je kunt dan klachten krijgen zoals:

  • Veel zweten
  • Vermoeidheid
  • Moeite met concentreren
  • Duizeligheid
  • Hoofdpijn
  • Huidklachten, zoals verbranding, jeuk of uitslag met blaasjes.

Heb je één of meer van deze klachten? Zoek dan verkoeling, drink voldoende water en vermijd zware inspanning. Blijven de klachten bestaan of worden ze erger? Dan kan er sprake zijn van een zonnesteek of hitteberoerte.

Zonnesteek en hitteberoerte

Een zonnesteek ontstaat meestal doordat je hoofd en nek te lang aan de zon zijn blootgesteld. Hierbij raken de hersenvliezen geïrriteerd door de hitte. Je kunt last krijgen van hoofdpijn, duizeligheid, misselijkheid, braken, vermoeidheid en een rode, warme huid. Rusten op een koele plek, afkoeling en voldoende drinken helpen vaak om de klachten te verminderen.

Een hitteberoerte is een ernstige vorm van oververhitting. Bij een hitteberoerte kan het lichaam de warmte niet meer kwijt en kan de thermostaat in de hersenen worden verstoord. De lichaamstemperatuur loopt vaak boven de 40 graden. Je kunt verward raken, bewusteloos raken, een snelle hartslag krijgen of stuiptrekkingen krijgen. Soms stopt het lichaam zelfs met zweten. Een hitteberoerte is een medisch noodgeval. Bel direct 112 als je vermoedt dat iemand een hitteberoerte heeft.

Medicijngebruik bij warm weer

Tijdens warme dagen moet je lichaam harder werken om warmte kwijt te raken. Dat doet het vooral door te zweten. Hierdoor verlies je meer vocht dan normaal. Het is daarom belangrijk om voldoende te drinken, zodat je lichaam zich goed kan blijven afkoelen en goed blijft functioneren. Voor sommige mensen is het moeilijker om hun lichaamstemperatuur op peil te houden. Ook hebben zij een grotere kans op uitdroging. Let daarom extra goed op als je:

  • 70 jaar of ouder bent;
  • een verminderde nierfunctie hebt;
  • hartfalen hebt;
  • bepaalde medicijnen gebruikt, zoals plastabletten, medicijnen tegen hoge bloeddruk of sommige medicijnen voor diabetes.

Voorkom uitdroging door verspreid over de dag voldoende water, thee of koffie te drinken. Probeer bij warm weer minimaal 2 liter vocht per dag binnen te krijgen, tenzij je arts een ander advies heeft gegeven. Heb je hartfalen? Overleg dan met je arts hoeveel je extra mag drinken tijdens warm weer.

Gebruik je één of meer van deze medicijnen en heb je klachten die wijzen op uitdroging, zoals veel dorst, duizeligheid, minder plassen of donkere urine? Of is er sprake van aanhoudende hitte? Neem dan contact op met je huisarts of apotheker. Samen kan worden bekeken of het nodig is om je medicijnen tijdelijk aan te passen.

Let op: stop nooit zelf met je medicijnen en pas de dosering niet zelf aan. Overleg altijd eerst met je huisarts, specialist of apotheker.